Wat artsen niet op het menu zetten, komt nooit op het bord van de patiënt
- 10 feb
- 2 minuten om te lezen

Mij wordt regelmatig gevraagd waarom ik in gesprekken met artsen zoveel aandacht besteed aan PDS en FD, en in het bijzonder aan hypnotherapie. Het korte antwoord is: omdat de uitleg die patiënten krijgen, bepaalt wat er vervolgens mogelijk wordt in de zorg.
Het gesprek stuurt het herstel
Bij PDS en FD wordt vaak vastgesteld dat er geen lichamelijke afwijkingen zijn. Dat is belangrijk, maar het gesprek stopt daar vaak. Voor veel patiënten voelt dat als een doodlopend spoor: er is niets ernstigs, maar de klachten zijn er wel.
Wat dan ontbreekt, is richting.En zonder richting ontstaat er geen verandering.
Daarom geldt ook hier:wat artsen niet op het menu zetten, komt nooit op het bord van de patiënt.
Het lichaam leert klachten
Buikklachten ontstaan niet alleen door wat er in de darm gebeurt, maar ook door hoe het lichaam heeft geleerd te reageren. Na herhaalde ervaringen van pijn, spanning of stress raakt het systeem sneller uit balans. Het lichaam gaat als het ware vooruitlopen op wat het verwacht.
Die reacties zijn niet bewust en niet ingebeeld. Ze zijn aangeleerd.En wat aangeleerd is, kan ook opnieuw worden bijgestuurd.
Meer dan uitleg alleen
Alleen zeggen dat er “niets mis is” helpt het lichaam niet om anders te reageren. Daarvoor is een andere ervaring nodig. Een ervaring waarin het lichaam leert dat het veilig is om te ontspannen en signalen niet direct als bedreigend te zien.
Hypnotherapie sluit hierop aan. Het helpt mensen om op een dieper niveau andere reacties te leren, niet door te praten over klachten, maar door het lichaam nieuwe ervaringen op te laten doen.
Waarom dit expliciet benoemd moet worden, Wat artsen niet op het menu zetten... zettenZolang deze manier van kijken niet wordt uitgelegd, ervaren veel patiënten een verwijzing naar hypnotherapie als iets vaags of als laatste optie. Dat doet geen recht aan wat de therapie daadwerkelijk biedt.
Wanneer artsen duidelijk maken dat PDS en FD klachten zijn die te maken hebben met hoe het lichaam heeft leren reageren, wordt behandeling ineens logisch en begrijpelijk. Dan ontstaat er ruimte voor vertrouwen en actieve deelname van de patiënt.
Van machteloosheid naar perspectief
Het verschil zit vaak niet in extra onderzoeken of nieuwe medicijnen, maar in een ander startpunt van het gesprek. Niet: “we kunnen niets vinden”, maar: “je lichaam heeft iets geleerd, en dat kunnen we samen veranderen.”
Ik besteed aandacht aan PDS en FD bij artsen omdat ik zie wat het oplevert als deze uitleg wél onderdeel wordt van het zorgpad. Patiënten krijgen dan niet alleen geruststelling, maar ook perspectief.
En dat begint met één bewuste keuze:het onderwerp op het menu zetten, zodat het ook echt op het bord van de patiënt kan komen.




Opmerkingen